Allerheiligen

Allerheiligen is de viering van alle bekende en onbekende heiligen. In het jaar 731 werd 1 november aangewezen als herdenkingsdag voor heiligen van de kerk die zelf geen eigen dag hadden. De officiële datum 1 november, erkend door de katholieke en protestantse kerken, werd ingesteld door Paus Gregorius III (731-741), toen hij in de Sint-Pietersbasiliek in Rome een kapel wijdde aan alle martelaren en het bevel gaf tot een jaarlijkse viering.  De Oosters-orthodoxe Kerk viert het op de eerste zondag na Pinksteren. In veel culturen wordt Allerheiligen gevolgd door Allerzielen, wat een dag van nationale rouw is voor alle mensen die ons zijn ontvallen.

De meest gebruikelijke invulling in verschillende culturen is dat families bij elkaar komen en bloemen leggen op de graven van hun dierbaren. Aangezien deze viering in een kouder jaargetijde plaatsvindt, is de populairste bloem voor deze gebeurtenis de chrysant, zowel als snijbloem als in de pot.

Hoe wordt het overal ter wereld gevierd?

In Frankrijk heet de viering Toussaint en elk jaar worden op 1 november ca. 25 miljoen potchrysanten op Franse  graven geplaatst. De begraafplaatsen zijn vol van kleur en het is een erkende feestdag.

In Engeland bezoeken families de graven van overleden familieleden en brengen bossen bloemen mee om het graf mee te versieren. In de kerk kunnen op verzoek de namen van de doden worden voorgelezen en in sommige regio’s kan de dag eindigen met een toneelstuk of het zingen van enige liederen.

In Zweden is het vaak behoorlijk koud en ligt er sneeuw op de grond. Een pot met bloeiende heide is een gebruikelijke keuze om het graf mee te bedekken, omdat die goed tegen de kou kan. Allerheiligen is geen officiële feestdag meer, maar veel mensen nemen die dag vrij en bezoeken óf begraafplaatsen óf brengen de dag met familie door. Kerken vieren missen of organiseren concerten om erkenning aan de dag te geven. Aan het begin van de 20e eeuw begonnen mensen met het plaatsen van aangestoken kaarsen op de graven van de overledenen. Deze gewoonte ontstond onder rijke families in dorpen en steden. Maar na de Tweede Wereldoorlog verspreidde het zich door het hele land. Allerheiligen staat voor het begin van de winter en voor de traditionele aftrap van het alpine skiseizoen.

In Polen wordt Allerheiligen gevierd op 1 november en is het een landelijke feestdag onder de naam Wszystkich Świętych. Na Allerheiligen wordt Allerzielen, Zaduszki, gevierd. Deze viering staat in hoog aanzien en het is een hele drukke dag. Elke parkeerplaats bij een kerkhof staat helemaal vol en er staan rijen verkopers rond de begraafplaatsen, die herfstbloemen en kaarsen verkopen.

Bij militaire begraafplaatsen worden geüniformeerde wachtsoldaten neergezet. Chrysanten zijn de bloemen bij uitstek en worden vooral met de dood geassocieerd. De talloze brandende kaarsen in de avond leveren een adembenemende aanblik van de begraafplaatsen op en zijn bedoeld om de weg naar God helpen verlichten.

De Slowaakse tradities lijken sterk op die van de Polen. Slowaken gaan naar huis, waarbij ze soms grote afstanden afleggen, om bij de hele familie te zijn en de begraafplaatsen waar hun voorouders liggen, te bezoeken. De graven zijn bedekt met een bloemendeken en er worden kaarsen aangestoken. Het is een dag waarop de overleden familieleden worden herdacht, over het leven wordt nagedacht en een gezamenlijke maaltijd wordt genoten met familieleden.

Vergelijkbaar met andere Oost-Europese culturen viert Slovenië Allerheiligen landelijk en hoogwaardigheidsbekleders leggen kransen tijdens plechtigheden op begraafplaatsen door het hele land.

Spanje viert deze feestdag verspreid over 31 oktober en 1 en 2 november. Het wordt over het algemeen De Dag van de Doden genoemd. Festivals en processies vormen een belangrijk onderdeel van deze traditie, evenals het opvoeren van het toneelstuk Don Juan Tenorio. Aan het einde van de dag komen de mensen samen op begraafplaatsen, bidden voor hun overleden dierbaren en leggen goudsbloemen en andere geschenken naast de graven van geliefden.

In Italië is Festa di Tutti i Santi zowel een religieuze als een nationale feestdag, elk jaar op 1 november. Dan viert men alle katholieke heiligen tezamen en het is een dag waarop mensen hun familie en vrienden bezoeken, elkaar geschenken geven en de beste wensen uitspreken. Als Italianen dezelfde naam hebben als een van de heiligen is het voor hen ook een bijzondere dag.

In Duitsland wordt de feestdag Allerheiligentag genoemd. Het is een officiële feestdag in sommige delen van het land. Een traditionele versiering die je op graven kunt vinden is een Newweling, een traditionele kaars gemaakt van twee lonten van verschillende kleuren (rood, wit, blauw, geel of groen), rond een kegel gedraaid en vervolgens aangestoken.

Het is de Duitse traditie om ’s morgens naar de kerk te gaan en naar preken te luisteren die allemaal draaien om de boodschap van het leven als een heilige. Daarna komen families bijeen voor een grote familiemaaltijd en luisteren naar het beieren van de kerkklokken. Men zegt dat de zielen van de doden tussen de levenden op aarde ronddolen en dat het luiden van de klokken een teken voor de zielen is om van alle aardse bindingen te worden verlost. Na de maaltijd leidt een processie de mensen naar de begraafplaats, waar de graven van dierbaren met zorg worden onderhouden. Vaak brengen families kaarsen of lantaarns mee, evenals bloemen en dennentakken om op de graven te leggen. Kinderen krijgen het traditionele Allerheiligenbrood, Strietzel, van hun peetouders. Dit zoete, gevlochten brood wordt vaak na de middag tijdens een feestelijk “Kaffee und Kuchen” gegeten, nadat men terug is gekomen van het traditionele bezoek aan de familiegraven.